// artikel

Nederlandse literatuur

P. van Ostaijen – ‘Verveling’

Verveling

Ik kan geen doel vinden voor ’t leven, vandaag.
Hoe moeilik toch ik de last der dagen draag.
Mijn dagen zijn hoogten en vlakten van lust
En verveling, maar alles zo onbewust.

’n Roman lezen? Neen, dat gaat helemaal niet;
Ik kijk liever door m’n venster: daktilo’s,
Naaisters gaan voorbij, zingend rollen auto’s,
De trem dat ’s net ’n motorboot, die ’t water klieft.

Even sta ‘k, wijl ik ’n sigaret aansteken moet,
Als Mefistofeles, in ’n korte, gele gloed;
Schaduw en licht spelen langs m’n aangezicht.
Verveling komt mij voor de zwaarste levensplicht.

Ik staar en denk bij de wolkjes: In ene gracht
Verdronk Ophelia; m’n lief ging door ’n mistige nacht
Van mij; Berenice, Beatrix, vele mooie vrouwen
Zullen zich in dees sigarettenrook voor mij ontvouwen.

Uit m’n sigaret stijgt Salome, en ook
Haar sluiers zijn geweven uit m’n ronde rook.
Ik zelf voel me als de Tetrarch Herodes, die scherp toeziet
En bij ’t sterven van de doem-dans, de dood des Dopers gebiedt.

Zo stijgen uit m’n rook die leenge, lauwe lijven,
Om in ’n doezelende dans verveling te verdrijven.

Uit: Music-Hall, 1916.

Facebooktwittergoogle_plusFacebooktwittergoogle_plus

Reacties

2 reacties op “P. van Ostaijen – ‘Verveling’”

  1. De sigaret, de rook, de bijbelse taferelen – net Awater.

    Verder – verveling oké, maar niet je ware qua spleen.

    Door A.H. Simons | 18 juni 2010, 13:25
  2. neen, het is niet echt harde kern spleen, maar ik vond het opvallend, of het is altijd aardig te zien dat veel ‘modernisten’, avant-gardisten wortels/affiniteit hebben met hun decadente voorgangers. nijhoff dus ook ja

    Door sander | 19 juni 2010, 10:41

Reageer

Foto van de dag